Erbij horen

De wereld verandert.
Ik voel me de laatste dagen zo gelukkig.
Het is een heel actief geluk, dus ik vertrouw het voor geen cent. Ik ken dit geluk.
Dit geluk is een kind dat hysterisch vrolijk door de kamer stuitert, vlak voor het in tranen uitbarst als antwoord op de vraag “ben je eigenlijk misschien een beetje moe, schatje?”
Ze hebben me gewoon nog niet gevraagd of ik misschien een beetje moe ben.

Twee weken terug was ik bij De Orde van de Dag, in RASA Utrecht.
Daar zei iemand:
“Ik kan me er niks bij voorstellen hoe het is om een minderheid te zijn”.
Dat is blijven hangen.
Zo had ik er nog niet echt over nagedacht. Dat ‘je een minderheid voelen’, ‘er niet bij horen’ betekent, en dat ‘er niet bij horen’ er logischerwijs toe leidt dat je elkaar op zoekt voor een stevig potje eensgezind zijn. Samen een team zijn en de strijd aangaan.
‘Wij horen er wél bij!
Jullie horen er zelf juist niet bij!’
Dat waarvoor of waartegen je samen strijdt misschien niet eens zo gek veel uitmaakt.
Stomme meerderheid. Begrijpt er niks van.
Het Westen strijdt tegen extremisten. Dat lijkt ons het beste. Waar strijden we eigenlijk vóór? Strijden die extremisten ook tegen ons? Of vóór hun Utopia. De wereld waarin zij er wel bij horen.

Ik voel me ook nooit een minderheid.
Soms voel ik me bijzonder. En ook wel eens minder.
Maar een minderheid, dat ken ik niet.
Tijdens carnaval voel ik me nog wel het minst minderheid. Met carnaval heb ik het gevoel dat er geen minderheden zijn, zelfs. Maar dat juist iedereen erbij hoort.
Eensgezind met iedereen.
Ik verlang naar carnaval omdat ik verlang naar die saamhorigheid. Alsof ik één groot gezellig team ben met elke willekeurige Ernie, banaan of Winnie the Pooh die me voorbij zwalkt.
Carnaval viert de saamhorigheid van de meerderheid.
Mocht er iemand bestaan die het niet viert, volgende week, dan behoort diegene in mijn geboortestad in ieder geval tot een absolute minderheid.
Of die mensen daadwerkelijk bestaan, en of ze elkaar opzoeken, die drie dagen per jaar? Of er tijdens die dagen in de rest van het land, of de wereld, nog een grotere meerderheid bestaat dan ons ‘met z’n allen’?
Ik heb geen idee. Ik zou het kunnen controleren, maar daar zal ik zeker geen zin in hebben. Ik zal veel te druk zijn met hossen, lallen en omvallen. Want dat is wat we doen. Wat zij niet doen.
Als zij samen de strijd aangaan, dan merken wij daar waarschijnlijk niets van.

De extremisten willen toeslaan met autobommen op westerse feestdagen.
De eerstvolgende westerse feestdag is carnavalszondag.
Volgens mij laten we daar een kans liggen. Als we ze niet uitnodigen.
‘Jongens, luister. We kunnen zondag twee dingen doen. Óf jullie moeten werken, en ons feestje gaat niet door. Óf jullie horen erbij en we zetten de wereld even stil. Dat de wereld een verrotte plek is, daar lijken we het over eens te zijn, dus wat hebben we te verliezen?’
Drie dagen bij de meerderheid horen, nu met extra veel schouderklopjes. Geheel vrijblijvend, geen verdere consequenties.

Het feest van de saamhorigheid van de meerderheid. Of misschien: de strijd van een minderheid die weigert zich als minderheid te gedragen.
‘Wij zijn met zijn allen! Iedereen is er! Het is legendarisch!’
Ik ga er weer aan geloven, volgende week. Legendarisch zal het zijn.
Ik denk niet dat ze komen. Ze hebben waarschijnlijk ook geen pak.
Maar ze zouden een banaan kunnen zijn, een Elmo of een monnik.
En er – voor even – helemaal bij horen.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s